Am Israel chai - Copy

Een mond vol grootspraak

Gepubliceerd Thursday, 16 June, 2016 in Weblogs Gastschrijvers 4 Comments

Daniël is één van de ballingen die naar Babel is meegevoerd. Door zijn buitengewone begaafdheid bekleedt hij hoge posities in het Babylonische rijk en later aan het Perzische hof (vgl. Daniël 2:48, 6:4). Daniël, wiens naam betekent God is rechter, krijgt verschillende visoenen over de toekomst van zijn volk en over de wereldmachten, die zijn volksgenoten in hun macht hebben. God laat hem zien dat Zijn oordeel over die wereldrijken al klaarligt. Daniëls naam verwijst daar al naar.

Beeld

Maar eerst lezen we over het visioen dat koning Nebukadnezar krijgt over wat eraan het einde van de tijd zal gebeuren (zie Daniël 2). De koning ziet een reusachtig beeld. Het heeft een prachtige glans, maar ziet er tegelijk afschrikwekkend uit. Het hoofd van het beeld is van goud, zijn borst en armen van zilver, zijn buik en lendenen van brons, zijn benen van ijzer en zijn voeten deels van ijzer, deels van leem. Dan ziet de koning hoe een steen losraakt, zonder dat er een mensenhand aan te pas komt. De steen slaat tegen de ijzeren en lemen voeten van het beeld en verbrijzelt ze. Op hetzelfde ogenblik verpulveren het ijzer, leem, brons, zilver en goud. Het wordt als kaf dat verwaait in de wind. Maar de steen die tegen het beeld aan rolt, wordt een hoge berg die de hele aarde bedekt.

Daniël legt de koning uit dat het beeld symbool staat voor vier koninkrijken. Het gouden hoofd staat voor het Babylonische rijk van Nebukadnezar. Daarna komen er nog drie rijken, die minder machtig zullen zijn. Over het vierde koninkrijk vertelt Daniël dat het hard zal zijn als ijzer en alle andere rijken zal verbrijzelen en verpletteren. Maar zoals ijzer en leem niet binden, zo zal dit rijk in het nageslacht innerlijk verdeeld zijn. Maar God zal tenslotte een Koninkrijk doen opkomen dat al die koninkrijken zal vernietigen. En dat Koninkrijk zal voor eeuwig bestaan.

Afschrikwekkende dieren

Vele jaren later krijgt Daniël zelf een droom over wat eraan het einde van de tijd zal gebeuren (zie Daniël 7). Daniël ziet hoe de Grote Zee door de vier winden van de hemel in beroering wordt gebracht en daaruit vier verschillende, grote dieren oprijzen. Het eerste dier lijkt op een leeuw, het tweede op een beer en het derde op een panter. Het vierde dier ziet er afschrikwekkend uit en verslindt en vertrapt alles wat op zijn pad komt. Het heeft tien horens op zijn kop, waartussen een nieuwe horen opkomt. Die nieuwe horen voert strijd tegen de heiligen van de Allerhoogste en overwint hen. Vervolgens vindt er een hemelse rechtszitting plaats. De dieren worden veroordeeld en hun macht wordt hen ontnomen. Dan ziet Daniël dat er met de wolken van de hemel Iemand komt die eruitziet als een mens. Aan Hem worden macht, eer en het koningschap verleend en alle volken op aarde dienen Hem tot in eeuwigheid.

Eén van de omstanders, aan wie Daniël naar de betekenis van dit alles vraagt, legt hem uit dat die vier grote dieren duiden op vier koningen die uit de aarde zullen opkomen. Maar daarna zal er een rijk aanbreken waarin Gods heiligen zullen heersen, voor eeuwig en altijd.

Tweemaal

Het feit dat tot tweemaal toe in een nachtelijk visioen – eerst van koning Nebukadnezar en daarna van Daniël – wordt geprofeteerd over deze vier wereldrijken, betekent de zaak bij God vaststaat en God Zich haast om die uit te voeren (vgl. Genesis 41:32).

Nebukadnezar ziet de vier wereldrijken in hun uiterlijke verschijning: als een indrukwekkend, schitterend beeld, wat verwijst naar hun grote luister en heerschappij. Daniël daarentegen ziet de vier rijken naar hun aard: als alles verslindende roofdieren, die met niets ontziend geweld andere landen en volken hun macht opleggen en alles vertrappen wat recht en goed is in de ogen des Heren.

Grote Zee

De vier dieren komen op uit de Grote Zee. Met de Grote Zee wordt in de Bijbel veelal de Middellandse Zee bedoeld (vgl. Numeri 34:6; Jozua 23:4). Het lijkt hiermee te gaan om vier wereldmachten waarvan het grondgebied aan de Middellandse Zee grenst. De zee is in de Bijbel ook wel een metafoor voor de heidenvolken die zich verzetten tegen God en Zijn volk (vgl. Jesaja 17:12, 57:20; Jeremia 51:42; Ezechiël 26:3). Dat de vier winden van de hemel de Grote Zee in beroering brengen, betekent dat God Zelf er de hand in heeft dat die rijken opkomen (vgl. Openbaring 7:1; Jesaja 17:13-14; Daniël 2:21; Johannes 19:10-11).

Leeuw

Daniël 7:4 – Het eerste dier leek op een leeuw, maar dan met adelaarsvleugels. Ik zag hoe zijn vleugels werden uitgerukt, hoe het dier werd opgetild, op twee voeten overeind werd gezet als een mens en ook het hart van een mens kreeg.

Als we ervan uit gaan dat de droom van Daniël parallel loopt aan die van Nebukadnezar – en dat lijkt aannemelijk – dan wordt met het eerste dier het Babylonische rijk bedoeld. In de droom van Nebukadnezar wordt dit rijk voorgesteld als het gouden hoofd en in het visioen van Daniël als een leeuw met adelaarsvleugels. De leeuw, die vanwege zijn krachtige uitstraling als de koning der dieren wordt gezien, staat symbool voor de trotse macht en majesteit van het Babylonische rijk. De adelaarsvleugels symboliseren de snelheid waarmee het zijn rijk weet uit te breiden.

Dat zijn vleugels hem vervolgens worden ontnomen, betekent dat het Babylonische rijk zijn grote heerschappij wordt afgenomen (zie Jeremia 51). Dat gebeurt na precies zeventig jaar, zoals God bij monde van de profeet Jeremia voorzegd had (zie Daniël 9:1-2; Jeremia 25:11).

Dat de leeuw als een mens op zijn voeten wordt gezet en het een mensenhart wordt gegeven, zou kunnen verwijzen naar de getuigenis van Nebukadnezar, nadat hij, vanwege zijn hoogmoed, zeven jaar als een dier in de paleistuin heeft rondgezworven: Ik, Nebukadnezar, roem, verhef en verheerlijk nu de Koning van de hemel. Al Zijn daden zijn juist en Zijn paden recht. Wie hoogmoedig zijn, kan Hij vernederen (zie Daniël 4).

Beer

Daniël 7:5 – Toen verscheen er een tweede dier; het leek op een beer en het had zich half opgericht. Het hield drie ribben tussen de tanden van zijn muil, en het dier werd aangespoord met de woorden: “Sta op, eet veel vlees.”

De beer, die zich half heeft opgericht, stelt het Medisch-Perzische rijk voor, dat is gebouwd op het overblijfsel van het Babylonische rijk. Medië en Perzië vormden een statenbond. In de droom van Nebukadnezar worden ze uitgebeeld door de borst en de twee armen van zilver. Dat de beer zich naar één kant opricht, betekent dat slechts één van de twee rijksdelen, namelijk Perzië, tot een machtig rijk wordt, hoewel Medië in eerste instantie het voornaamste rijksdeel was (vgl. Daniël 8:3).

Dat het dier drie ribben tussen de tanden van zijn muil heeft, betekent dat het met nog meer overmacht dan de Babyloniërs hun rijk weten uit te breiden en vast te houden. Vooral onder koning Cyrus breidt het Medisch-Perzische rijk snel uit tot een machtig imperium. De beer doet daarmee waartoe het wordt aangespoord: “Sta op, eet veel vlees.” En juist deze Cyrus wordt door God uitgekozen als Zijn gezalfde (zie Jesaja 45:1).

2 Kronieken 36:23 – Dit zegt Cyrus, de koning van Perzië: Alle koninkrijken van de aarde heeft de HEER, de God van de hemel, mij gegeven. Hij heeft mij opgedragen om voor Hem een tempel te bouwen in Jeruzalem, een stad in Juda. Laten al diegenen onder u die tot Zijn volk behoren, zich verzekerd weten van de hulp van de HEER, hun God, en daarheen gaan.

Panter

Daniël 7:6 – Daarna zag ik een ander dier; het leek op een panter, maar dan met vier vogelvleugels op zijn rug, en het had ook vier koppen. Dit dier werd macht toebedeeld.

Met de panter wordt gedoeld op het Grieks-Macedonische rijk. De panter is één van de snelste roofdieren ter wereld. Dat dit dier ook nog eens vier vogelvleugels op zijn rug heeft, duidt erop dat hij nog sneller is dan het snelste roofdier ter land. En dat beeld van het Grieks-Macedonische rijk klopt, want na de ondergang van het Perzische rijk, weet Alexander de Grote in amper tien jaar tijd het rijk uit te breiden van Egypte tot aan Pakistan, van oost naar west is dat zo’n vierduizend kilometer.

Op het toppunt van zijn macht, sneuvelt Alexander op 32-jarige leeftijd. Omdat hij geen natuurlijke opvolger heeft – zijn onwettige zoon is nog te jong, terwijl zijn wettige zoon dan nog niet is geboren –, doen zijn vier belangrijkste generaals een greep naar de macht en slagen zij erin om het rijk onder hen te verdelen. Daarop zien de vier koppen van de panter.

Over de indrukwekkende veroveringen van Alexander de Grote, zijn dood en de verdeling van zijn rijk in vier delen, krijgt Daniël tot tweemaal toe nog een visioen (zie Daniël 8; Daniël 11:3-4). Het is duidelijk voor Daniël dat de zaak bij God vaststaat en God Zich haast om die uit te voeren.

Van de vier generaals, is Seleucus de meest succesvolle. Hij wordt de stichter van het naar hem genoemde Seleucidische rijk, dat een groot deel van het Midden-Oosten omvat, waaronder Judea en Samaria. Eén van de laatste koningen van dit rijk is Antiochus IV Epifanes. Hij tergt de Joden door in de Tempel een altaar van Baäl Hasjamaïm te plaatsen en daarop varkens te offeren. Hij verbiedt de Joden hun godsdienstige gebruiken uit te oefenen en de sabbatten en de feestdagen te vieren.

Onder leiding van Mattathias en zijn zonen – waarvan Jehuda, bijgenaamd Makkabeüs, de bekendste is geworden – komen de Joden daartegen in verzet. Antiochus, woedend over de Joodse opstand, voert persoonlijk zijn leger aan en laat meedogenloos tienduizenden Joden ombrengen (zie 2 Makkabeeën 6:12-14). Vanwege zijn wreedheid noemen de Joden hem Antiochus Epimanes, wat in het Grieks krankzinnige betekent (vgl. Daniël 11:30-35). Hij richt een ongehoorde verwoesting aan. Maar op het hoogtepunt van de strijd overlijdt Antiochus aan een ziekte, wordt hij gebroken zonder dat er een mensenhand aan te pas komt (zie Daniël 8:25) en weten de Makkabeeën Jeruzalem te heroveren. Nadat ze de Tempel hebben gereinigd van alle onreine altaren en voorwerpen en een nieuw altaar hebben gemaakt, kan de Tempel worden ingewijd (zie 1 Makkabeeën 4:52-54). Het is het bijzondere verhaal dat we kennen van Chanoeka.

Vierde dier

Daniël 7:7 – Daarna zag ik in mijn nachtelijke visioenen een vierde dier, angstaanjagend, afschrikwekkend en geweldig sterk, met grote ijzeren tanden. Het vrat en vermaalde alles, en wat overbleef vertrapte het met zijn poten. Het verschilde van alle dieren die daarvoor verschenen waren, en het had tien horens.

Het vierde dier dat Daniël ziet opkomen uit de zee kan hij met geen enkel schepsel uit het dierenrijk associëren. Daniël noemt het dan ook simpelweg het vierde dier. Het is angstaanjagend, afschrikwekkend en geweldig sterk, met grote ijzeren tanden. Het vreet en vermaalt alles wat op zijn pad komt, en wat overblijft vertrapt het met zijn poten. De wreedheid, vernielzucht en roofzucht van dit vierde dier zijn onvergelijkbaar.

Dit vierde dier stelt het Romeinse rijk voor dat door agressieve aanvalsoorlogen gestaag zijn macht weet uit te breiden in het Middellandse Zeegebied en ver daarbuiten. De veroveringstochten gaan gepaard met ongekende wreedheden en overvloedig bloedvergieten. Alles is geoorloofd. De Romeinen propageren vrede en beschaving te brengen, maar laten een spoor van dood en verderf achter. De macht en de wreedheid van de Romeinen is niet vergelijkbaar met die van de voorgaande wereldmachten. Zelfs tot het Romeinse volksvermaak behoren gruwelijke openbare executies en bloedige gladiatorengevechten op leven of dood.

Uitgerekend het Romeinse rijk heeft voor een belangrijk deel Europa gemaakt tot wat het heden ten dage is. Dat geldt voor onze staats- en bestuursvormen, wet- en regelgeving, rechtspraak, openbare financiën, defensie, politiek, wetenschap, architectuur, kunst, literatuur en – niet te vergeten – onze ingebeelde superioriteit. Europa belichaamt zodoende voor een substantieel deel de Romeinse identiteit en daarmee voor een wezenlijk deel het karakter van het vierde dier. En dat laatste kan moeilijk ontkend worden, als we kijken naar de geschiedenis van ons continent, met zijn vele, bloedige oorlogen en conflicten.

Daniël 7:24 – Die tien horens duiden op tien koningen die uit dat koninkrijk zullen opstaan …

Uit het Romeinse rijk – nadat het uiteen is gevallen in een West-Romeins rijk en een Oost-Romeins rijk – zullen tien koningen of mogendheden komen, zo wordt Daniël verteld. De Europese geschiedenis heeft echter geen tien maar veel meer koningen en mogendheden gekend die allemaal hetzelfde doel voor ogen hadden en daarmee, in meer of mindere mate, in de (gewelddadige) voetsporen traden van hun roemruchte voorgangers.

In het Hebreeuwse denken staat het getal tien symbool voor de volle verantwoordelijkheid die de mens draagt voor zijn handelen tegenover God (vgl. Exodus 11:1, 34:28; Numeri 14:22; Psalm 83:7-9; Zacharia 8:23; Mattheüs 25:1; Lucas 19:13). De tien horens hoeven dus niet per se te verwijzen naar tien specifieke koningen of mogendheden, maar kunnen ook verwijzen naar alle koningen en mogendheden die uit het Romeinse rijk zullen opstaan en hetzelfde doel nastreven.

Het lijkt daarom aannemelijk dat het hier niet gaat om tien specifieke koningen, maar om alle koningen en mogendheden die na de ineenstorting van het Romeinse rijk hun stempel hebben gedrukt op het leven in Europa (en daarbuiten).

Nieuwe horen

Daniël 7:8, 21 – Toen ik naar de horens keek zag ik hoe een kleine, nieuwe horen tussen de andere opkwam; … Ik had immers gezien hoe die horen strijd voerde tegen de heiligen en hen overwon …

Vooral van de nieuwe horen wil Daniël de betekenis weten, omdat hij ziet hoe die horen strijd voerde tegen de heiligen en hen overwon. Daniël, die driemaal per dag de Allerhoogste prees en die de Schrift bestudeerde (zie Daniël 6:11, 9:2), moet hebben begrepen dat met de heiligen zijn eigen volk Israël bedoeld wordt. Had Mozes immers niet tegen het volk gezegd dat het een heilig volk voor de HEERE zou zijn (zie Deuteronomium 7:6; Daniël 10:14)? En daarom is Daniël ook zo verontrust als hij die beelden ziet.

Veruit de meeste Bijbeluitleggers menen dat met deze nieuwe horen, die na de tien andere horens opkomt (zie Daniël 7:24), verwezen wordt naar Antiochus IV Epifanes. Hoewel deze vorst heel goed past in de beschrijving van de laatste koning die uit het Romeinse rijk opkomt, geloof ik niet dat hier gedoeld wordt op deze wrede koning, omdat Antiochus IV Epifanes namelijk een representant is van het derde dier, de panter, het Grieks-Macedonische rijk, en niet van het vierde dier, het Romeinse rijk.


Nazi-Duitsland

Volgens mij ziet deze nieuwe horen op Nazi-Duitsland, dat onder leiding van Adolf Hitler in zeer korte tijd verandert van een democratie in een staat die wordt gekenmerkt door totalitaire politieke onderdrukking, aanvalsoorlogen, bezetting van buurlanden, annexatie van aangrenzende gebieden, extreem racistische vervolgingen en uiteindelijk de genocide op het Joodse volk. De Haman van Nazi-Duitsland had namelijk besloten dat alle Joden moesten worden gedood en volledig uitgeroeid, jong en oud, vrouwen en kinderen inbegrepen.

Daniël 7:8 – Toen ik naar de horens keek zag ik hoe een kleine, nieuwe horen tussen de andere opkwam; drie van de oude horens werden uitgerukt om er plaats voor te maken …

In alle Bijbelvertalingen staat dat drie van de eerdere horens plaats moeten maken voor de nieuwe horen. Maar een goede vertaling is ook derde (vgl. Strong, H8532). In dat geval gaat het dan niet zo zeer om drie specifieke horens die moeten wijken, maar om een derde van de eerdere horens. Mogelijk wordt hiermee verwezen naar de gebieden die Nazi-Duitsland annexeert, zoals Oostenrijk, Sudetenland en Polen, die daardoor hun autonomie verliezen.

Daniël 7:8 – … En in die horen bevonden zich ogen als mensenogen en een mond vol grootspraak.

Anders dan de andere horens, heeft de nieuwe horen ogen als mensenogen en een mond vol grootspraak. Deze nieuwe horen krijgt daarmee iets van een mens of misschien moeten we zeggen: iets van de wetteloze mens (zie 2 Thessalonicenzen 2:8; Openbaring 13:5-7). Met zijn zintuigen maakt de horen duidelijk waar het voor staat. Zijn mond vloekt en liegt, dreigt met geweld, zijn tong brengt misdaad en onrecht voort (zie Psalm 10:7). Zijn ogen spieden naar weerloze mensen om ze te onderwerpen, naar onschuldigen om ze te doden (zie Psalm 10:8). De ogen en de mond representeren de horen, zoals Hitler – de mond en de ogen van Nazi-Duitsland – het Großdeutsches Reich personifieert.

Na alles wat Daniël gehoord en gezien heeft (vgl. Daniël 10:13, 21), weet ook hij dat onze strijd niet gericht is tegen mensen, maar tegen hemelse vorsten, de heersers en de machthebbers van de duisternis, tegen de kwade geesten in de hemelsferen (zie Efeziërs 6:12). De nazi-ideologie is zodoende niet te begrijpen met wetenschappelijke verklaringen alleen. Desondanks ontgaat velen de geestelijke dimensie achter het nazisme. De geweldige drang van Hitler om het Joodse volk uit te roeien komt namelijk van Satan, de vorst van deze wereld, aan wie Hitler zich al vanaf het begin van zijn politieke carrière heeft overgegeven. Hitler is een duivel, een antichrist, die er alles aan doet om Gods reddingsplan te dwarsbomen. Hij wil dat doen door alle Joden uit te roeien, zodat er geen Joden meer zullen zijn om naar Sion terug te keren. Dan zal de Koning der Joden een koning zonder volk en zonder land zijn en zal er dus geen Koninkrijk van God op aarde komen. De vorst van deze wereld zal dan zijn macht kunnen behouden.

Wannsee

Om dat duivelse plan uit te werken, komen op 20 januari 1942 vijftien nazi-kopstukken bijeen in Villa Marlier, langs de Wannsee bij Berlijn om een Endlösung der Judenfrage te vinden, want het op grote schaal inzetten van Einsatzgruppen om Joden te vermoorden is te arbeidsintensief en te zeer belastend voor de SS-beulen. Na amper twee uur vergaderen wordt de oplossing gevonden. Besloten wordt om alle Joden in Europa systematisch en op een efficiënte manier te verdelgen. Alle Joden moeten daarom gevangen worden genomen en worden overgebracht naar vernietigingskampen, waar ze zullen worden vergast en hun doden lichamen zullen worden gecremeerd. Deze moordmethode heeft heel wat nazi-voordelen: het gebeurt snel en massaal, is niet opvallend, en is veel minder belastend voor de bewakers. Afgesproken wordt dat Heydrich, Himmler en Eichmann zich zullen bezighouden met de organisatie van de genocide op het Joodse volk.

Psalm 83:3-5 – Uw vijanden roeren zich, trots heffen Uw haters het hoofd. Tegen Uw volk smeden zij een complot, ze spannen tegen Uw lieveling samen, en zeggen: ‘Kom, wij verdelgen dit volk, Israëls naam zal nooit meer worden genoemd.’

Het blijft onbegrijpelijk dat Hitler kon rekenen op de steun van de meerderheid van het Duitse volk en van de Lutherse kerk en ondertussen zijn demonische plannen kon uitvoeren, waardoor uiteindelijk zes miljoen Joodse mannen, vrouwen en kinderen de dood vonden in de onbeschrijfelijke hel van de vernietigingskampen.

Kort

Daniël 7:8, 20 – Toen ik naar de horens keek zag ik hoe een kleine, nieuwe horen tussen de andere opkwam … de horen met ogen en een mond vol grootspraak die er groter uitzag dan de andere.

In vers 8 wordt de horen die opkomt klein genoemd, maar in vers 20 wordt van die horen gezegd dat hij er groter uitzag dan de andere. Dat lijkt met elkaar in tegenspraak, maar dat is het niet. Dat de horen klein wordt genoemd, betekent dat het rijk, ten opzichte van de andere mogendheden, maar kort zal blijven (vgl. Openbaring 17:10). Nazi-Duitsland heeft twaalf jaar bestaan, van 1933 tot 1945, wat een korte tijd is in vergelijking met de andere, voorgaande rijken.

Impact

Dat de horen er groter uitziet dan de andere wil zeggen dat de impact van zijn regime groter is dan die van zijn voorgangers. Zonder twijfel kan gesteld worden dat geen andere mogendheid zulke diepe, ongeneeslijke wonden heeft geslagen in mens en maatschappij als Nazi-Duitsland. Zelfs tot op de dag van vandaag, ruim zeventig jaar later, zijn de sporen die de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust hebben achtergelaten zichtbaar en voelbaar in vele facetten van het leven.

Vonnis

Daniël 7:9-10 – Ik zag dat er tronen werden neergezet en dat er een oude Wijze plaatsnam. Zijn kleed was wit als sneeuw, Zijn hoofdhaar als zuivere wol. Zijn troon bestond uit vuurvlammen, de wielen uit laaiend vuur. Een rivier van vuur welde op en stroomde voor Hem uit. Duizend maal duizenden dienden Hem, tienduizend maal tienduizenden stonden voor Hem. Het hof nam plaats en de boeken werden geopend.

Net als Johannes, krijgt Daniël hier een inkijk in de hemelse rechtszaal, waar God vanaf Zijn troon van vuurvlammen en omringt door ontelbare engelen die Hem dienen, de vier wereldmachten oordeelt (vgl. Openbaring 5).

Daniël 7:11-12 – Ik zag hoe het dier werd gedood vanwege de grootspraak van de horen, ik zag hoe zijn lichaam werd vernietigd en aan de vlammen werd prijsgegeven. De andere dieren werd wel hun macht ontnomen, maar hun werd nog enige tijd van leven gegund.

De vier dieren, de vier wereldmachten, worden door God als de hoogste Rechter geoordeeld. Hoewel de eerste drie hun heerschappij wordt ontnomen, wordt hen nog enige tijd van leven gegund. Dat geldt echter niet voor het vierde dier. Als hem zijn heerschappij wordt ontnomen, wordt hij vernietigd en aan de vlammen prijsgegeven vanwege de grootspraak van de horen. Van het afschrikwekkende vierde dier, dat de hele aarde verslond, vertrapte en vermorzelde, blijft niets over.


Uitgespeeld

Als ik de lijn consequent doortrek, dan zou dat betekenen dat Europa na de Tweede Wereldoorlog, een wezenlijk gedeelte van zijn invloed, macht en aanzien op het wereldtoneel heeft verloren. En die conclusie kan moeilijk ontkend worden, want vanaf 1945 heeft Europa, dat door de oorlog voor een groot deel is verwoest, afgedaan als supermacht. Europa valt, net als het Romeinse rijk, uiteen in een westelijk deel en een oostelijk deel. Het verliest zijn dominante rol in de wereld. Die rol wordt overgenomen door de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie, de twee nieuwe supermachten. De Verenigde Staten nemen West-Europa onder hun hoede, terwijl de Sovjet-Unie Oost-Europa onder haar toezicht stelt. De Koude Oorlog, die na afloop van de Tweede Wereldoorlog tussen de beide wereldmachten ontstaat, zorgt voor nieuwe verdeeldheid in Europa.

Tweeduizend jaar lang was Europa in de wereld oppermachtig. Engeland, Frankrijk, Spanje, Portugal, Duitsland, Italië en zelfs Nederland speelden afwisselend een rol van betekenis in de wereld. Ofschoon de kunstmatig in elkaar geflanste Europese Unie de schijn moet ophouden dat Europa nog steeds een wereldmacht is, is het voor de meesten wel duidelijk dat Europa niet meer dan een bijrol speelt op het grote wereldtoneel.

Mensenzoon

Daniël 7:13-14 – In mijn nachtelijke visioenen zag ik dat er met de wolken van de hemel Iemand kwam die eruitzag als een mens. Hij naderde de oude wijze en werd voor Hem geleid. Hem werden macht, eer en het koningschap verleend, en alle volken en naties, welke taal zij ook spraken, dienden Hem. Zijn heerschappij was een eeuwige heerschappij die nooit ten einde zou komen, Zijn koningschap zou nooit te gronde gaan.

Als God de wereldmachten hun macht heeft ontnomen, ziet Daniël Iemand die eruitziet als een mens met de wolken van de hemel komen. Het is duidelijk dat Daniël hier de glorieuze wederkomst van Jeshua ziet (vgl. Mattheüs 24:30, 26:23-24; Handelingen 1:11; Openbaring 1:7). Hem wordt macht, eer en het koningschap verleend, en alle volken en naties, welke taal zij ook spreken, dienen Hem. Daniël ziet wat de Vader Zijn Zoon beloofde bij monde van David: Ik geef je de volken in bezit, de einden der aarde in eigendom (zie Psalm 2:7-9), Ik maak van je vijanden een bank voor je voeten (zie Psalm 110:1-2).


Macht

De macht die de wereldbeheersers hebben, hebben ze van God gekregen (vgl. Johannes 19:10-11). De heidenvolken en hun koningen worden door de Almachtige gebruikt wanneer en zoals Hij dat wil. Dat is voor de mens meestal niet zichtbaar, maar soms wel. Zo gebruikt God de farao van Egypte om Zijn macht te tonen en om iedereen op aarde te laten weten wie Hij is (zie Exodus 9:16), gebruikt Hij de koning van Babel om het ongehoorzame Juda te straffen (zie Jeremia 25:8-11) en roept Hij Cyrus om de Israëlieten naar hun land te laten keren (zie Ezra 1:2-3).

Voor God is elk volk, hoe machtig ook, als een druppel in een emmer, als een stofje op een weegschaal (Jesaja 40:15). Al bulderen de volken nog zo hard, als God Zijn stem verheft, vluchten ze ver weg, stuiven uiteen, als kaf op de wind in de bergen (zie Jesaja 17:13-14; Job 34:18-19).

Wat een contrast met hetgeen God tegen Zijn eigen volk zegt: Jij bent zo kostbaar in Mijn ogen, zo waardevol, en Ik houd zo veel van je dat Ik de mensheid geef in ruil voor jou, ja alle volken om jou te behouden (zie Jesaja 43:4). Met andere woorden: In Gods ogen is het kleinste volk ter wereld (vgl. Deuteronomium 7:6-7) vele malen belangrijker dan alle volken op aarde tezamen!

Met de macht die de wereldbeheersers wordt ontnomen wordt niet zozeer bedoeld de grote macht die ze hebben binnen hun imperium, maar vooral de macht die ze hebben over Gods volk. De Egyptenaren, de Assyriërs, de Babyloniërs, de Perzen, de Grieken, de Romeinen, de Duitsers, zij konden alleen macht uitoefenen over het Joodse volk voor zover en voor zolang God dat toestond.

Waarom het Joodse volk zoveel heeft moeten lijden onder vreemde overheersing, is een vraag die geen mens kan beantwoorden, alleen de Vader. Maar misschien zullen we ook dat eens ten volle begrijpen (vgl. Jeremia 30:24).

Romeinen 11:33 – Hoe onuitputtelijk zijn Gods rijkdom, wijsheid en kennis, hoe ondoorgrondelijk Zijn oordelen en hoe onbegrijpelijk Zijn wegen.

Totdat

In Daniël 7:25 lezen we dat de heiligen van de Allerhoogste voor één tijd, een dubbele tijd en een halve tijd zijn overgeleverd aan de wereldbeheersers. God heeft, zo zou je mogen zeggen, een limiet gesteld aan de tijd dat Zijn volk, door de verschillende wereldmachten, wordt onderdrukt. Die tijd zal voor Israël een tijd van verdrukking zijn, zoals er niet geweest is sinds er volken bestaan (zie Daniël 12:1; Mattheüs 24:21). Uit Daniël 12:7 weten we wanneer die tijd erop zit, namelijk wanneer de macht van het heilige volk niet langer verbrijzeld zal worden.

Daniël 7:21-22 – Ik had immers gezien hoe die horen strijd voerde tegen de heiligen en hen overwon, totdat de oude Wijze kwam, er recht werd verschaft aan de heiligen van de hoogste God …

Dus toen God opstond en Zijn volk recht verschafte, zat de tijd van het laatste rijk dat nog macht kon hebben over Gods uitverkoren volk erop. Feitelijk was dat in mei 1945, toen Nazi-Duitsland zich overgaf. Drie jaar later, in mei 1948, werd de staat Israël uitgeroepen, als teken van God aan de heidenvolkeren dat de macht van het heilige volk niet langer verbrijzeld kon worden. En zo is het ook gegaan, want na 1948 heeft Israël, met Gods sterke hand en opgeheven arm, alle vernietigingsoorlogen gewonnen, hoe groot en sterk de vijandelijke overmacht ook was (vgl. Psalm 68:2)!

Anders dan sommigen misschien dachten, vallen de wederkomst van de Messias en het moment dat de macht van het heilige volk niet langer verbrijzeld kan worden dus niet samen. We lezen in het verslag van Daniëls visioen immers eerst over de straf die de dieren krijgen en over hun macht die hen wordt ontnomen en pas daarna over de glorieuze komst van de Mensenzoon aan wie alle macht wordt gegeven (zie Daniël 7:9-14).

Verlossing

Wij kunnen niet achter de hemelse schermen kijken, maar één ding staat vast: na de Tweede Wereldoorlog is God opgestaan om Zich over Sion te ontfermen en is haar tijd van genade gekomen (vgl. Psalm 102:14). De Herder ziet weer om naar Zijn schapen en redt Hij hen uit de plaatsen waarheen ze verdreven waren (vgl. Ezechiël 34:11-12).

Jeremia 31:10-11 – Volken, luister naar de woorden van de HEER, vertel het verder op de verste eilanden: Hij die Israël verstrooid heeft, zal het samenbrengen en het hoeden, zoals een herder zijn kudde. Want de HEER verlost het volk van Jakob, Hij bevrijdt hen uit de hand die sterker was dan zij.

Het oordeel voor Israël zit erop, na tweeduizend jaar ballingschap, vervolging, onrecht en vernietiging (vgl. Hosea 6:2; Jesaja 66:8). De Vader heeft Zijn volk en Zijn land weer op de (wereld)kaart gezet. Hij zal Zijn volk in zijn geheel bijeenbrengen (zie Micha 2:12), Hij zal niemand achterlaten (zie Ezechiël 39:28) en dan zullen ze beseffen dat God de HEER is (vgl. Ezechiël 20:42).

Voor één tijd, een dubbele tijd en een halve tijd was het Joodse volk overgeleverd aan de wereldmachten, maar daaraan kwam een einde toen God, na tweeduizend jaar, een keer bracht in het lot van Zijn volk, zoals hij meerdere keren bij monde van de profeten had beloofd (zie Jeremia 29:11, 30:3, 30:18, 31:23, 32:44, 33:26; Amos 9:14; Sefanja 3:20). Vanaf dat moment kan de macht van het heilige volk niet langer verbrijzeld worden, omdat God er met eigen ogen over waakt (zie Zacharia 9:8).

Plan

Dat Israël niet meer onder de heerschappij van een vreemde mogendheid komt, betekent niet dat haar vijanden haar met rust laten. Zeker niet. Dagelijks wordt de Joodse staat en het Joodse volk door hun vijanden belaagd (vgl. Psalm 69:5). Israël krijgt van alles over zich heen: minachting, onrecht, leugens, kritiek, veroordelingen, boycots, dreigementen, sancties, terreuraanvallen, noem maar op. Het zijn de laatste stuipstrekkingen van Satan. Maar wat God heeft beloofd, volvoert Hij op Zijn tijd.

Jeremia 29:11 – Mijn plan met jullie staat vast – spreekt de HEER. Ik heb jullie geluk voor ogen, niet jullie ongeluk: Ik zal je een hoopvolle toekomst geven.

We zijn dichterbij de Dag des Heren, de wederkomst van Jeshua en het aanbreken van Gods Koninkrijk, dan menig gelovige denkt. In Joël 4:1-3 lezen we dat God in dezelfde tijd dat Hij het lot van Juda en Jeruzalem ten goede keert, Hij de heidenvolken zal oordelen. Soortgelijke woorden lezen we in Ezechiël 38:8, waar Gog – een aardse manifestatie van Satan – bevel krijgt om met zijn vele bondgenoten op te trekken tegen een land dat zich nog maar net van de oorlog hersteld heeft, tegen een volk dat uit vele volken weer is samengebracht op de bergen van Israël, die lange tijd verlaten zijn geweest.

Het gaat in deze profetieën, zonder twijfel, over de tijd waarin wij nu leven. Dat betekent dat wij de generatie aan het einde (Ha Dor Ha Acharon) zijn (vgl. Psalm 102:19), die mag zien op welke wonderbaarlijke wijze God alles aan het gereed maken is voor Zijn Koninkrijk. En wat nu zo bijzonder is, is dat de Vader jou en mij oproept om daarin te participeren!

Jesaja 62:11 – De HEER laat overal horen, tot aan de einden der aarde: ‘Verkondig aan vrouwe Sion: “Je redder komt! Zijn loon heeft Hij bij Zich, Zijn beloning gaat voor Hem uit.”‘

Wees waakzaam!

Naarmate we de profeten bestuderen ontdekken we dat we leven aan het einde van de tijd. Petrus wijst ons er niet voor niets op onze aandacht altijd op de woorden van de profeten gericht te houden (zie 2 Petrus 1:19, 3:1-2). Ook Jeshua wijst ons er nadrukkelijk op waakzaam te zijn (zie Mattheüs 24:42-44). Dat impliceert dat we ons vooral niet moeten blindstaren op interpretaties van profetieën, die ons leren wat er allemaal eerst nog moet gebeuren vóór de Messias terugkomt. Nee, laten we ons, als discipelen van Jeshua, richten op Zijn wederkomst, zeker nu de voorbereidingen daarvan al in volle gang zijn!

Bas van Twist, juni 2016

4 reacties op “Een mond vol grootspraak

  1. 1
    Conny zei: op 29 June 2016 om 22:56

    Dank voor je bericht, Bas.
    Het is heel goed om ons – voor het eerst of opnieuw – te richten op de tijd waarin wij leven. Wij moeten waakzaam zijn en Hem actief verwachten!

    Beantwoord reactie | Je beantwoordt nu deze reactie
  2. 2
    Anne Wittekamp zei: op 21 June 2016 om 17:42

    Beste Bas,
    Dank je voor de wederom heldere uitleg op grond van de Profeten en de oproep te participeren in het eindPlan van de Schepper. Goed om heel waakzaam te zijn en Hem spoedig te verwachten!

    Beantwoord reactie | Je beantwoordt nu deze reactie
  3. 3
    frans zei: op 18 June 2016 om 21:36

    Als de regeringen van de EU de uitverkiezing van ISRAËL volgens Deuteronomium 7: 6-7 respecteren,
    dan is er ook nog hoop voor Europa!!!

    Bas wat een mooie lezing!

    Beantwoord reactie | Je beantwoordt nu deze reactie
    • 4
      Dik van den Dool zei: op 10 July 2016 om 20:04

      Toen. Abbas in Brussel voor de EU een redevoering hield waarin hij schaamteloos Israël weer valselijk beschuldigde van bepaalde zaken, kreeg hij van de geachte afgevaardigden een staande ovatie. Op dezelfde dag waren ze in zak en as want Engeland ging Brexit.

      Beantwoord reactie | Je beantwoordt nu deze reactie

Reageer

Je email adres is nooit zichtbaar. Required fields are marked *

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>